A: Dat onze ervaringen, zoals de kleur ‘rood’, of het gevoel van gewicht, of muziek, of liefde, of welke ervaring dan ook, zomaar ontstaan uit minieme stroompjes in de hersenen, dat kun je met recht een wonder noemen… maar moeten we daaruit niet concluderen dat al die ervaringen illusies zijn, en dat alleen de stroompjes realiteit zijn?
B: Daar is wel iets op af te dingen. Die stroompjes van de neuroloog zijn ook een ervaring. Die zou dan ook een illusie zijn… Dan zou het idee dat alle ervaringen illusies zijn, gebaseerd zijn op een illusie…
A: Dus we denken maar dat alles een illusie is… dat is dan dus niet zo!
Nog een glaasje wijn? Of wil je nu een biertje?
B: Maar dan zijn ook de stroompjes van de neuroloog echt. Laten we dan aannemen dat ook onze ervaringen echt zijn, net als de stroompjes. Doe maar een biertje
A: Maar waar blijven we nu met ons idee, of gevoel, dat alle ervaringen wonderen zijn?
B: Troost je, ervaringen zijn nog steeds niet uit de hersenstroompjes te verklaren. Daar is zelfs een mooi wordt voor: de ‘explanatory gap’.
A: Tja, maar ja, is dat wel zo verwonderlijk… als je naar een telescoop kijkt zie je een buis met lenzen en tandwielen, van die dingen, en als je erdoor kijkt zie je sterren of een planeet… Misschien is het met ons hoofd ook wel zo… Ik heb ook chips, of heb je liever toastjes met kaas?
B: Dan hebben we dus gewoon een heleboel soorten ervaringen. Doe maar de toastjes.
A: Nou ja, ‘gewoon’ is misschien iets te snel geconcludeerd. Denk je eens in hoe divers ze zijn: een kleur, gewicht, warmte en kou, geluid, honger, of ongeduld en dorst,
B: Hmm ja, nu je het zegt, als je ziet hoe uniek ze allemaal zijn, dan is het eigenlijk niet zo gek dat je niet zomaar de ene ervaring, neem een willekeurige, dorst, uit een andere, zoals het stroompje, kunt verklaren… laten we het dan toch maar op een wonder houden.
A: Proost, op de verwondering!
B: Nog een ervaring!